Twee vragen die vaak door elkaar lopen: mág je het verkopen, en hoe reken je de btw? Alleen de tweede staat op deze pagina.
Tweedehands sportmateriaal valt onder de margeregeling.
Tweedehands sportmateriaal valt onder de margeregeling. Materiaal dat niet meer bruikbaar is, valt erbuiten — en of je iets mág verkopen is een aparte vraag.
Een gebruikte fietshelm, een set ski's of een tennisracket is een lichamelijk roerend goed dat opnieuw gebruikt kan worden. De toets van de FOD Financiën is daarmee gehaald.
In deze branche loopt de btw-vraag vaak door elkaar met de veiligheidsvraag. Dat zijn twee losse dingen: de eerste gaat over hoeveel je afdraagt, de tweede over of je iets überhaupt in de rekken mag zetten.
Koop je van particulieren, uit een clubopruiming zonder btw of van een collega die onder de marge werkt, dan is er geen aftrekbare btw en is de regeling aan de orde.
Een afstelling, een nieuwe binding of een geslepen kant is herstelwerk. Dat woord staat zelf in de omschrijving van een gebruikt goed.
“Gebruikte goederen zijn lichamelijke roerende goederen die in aanmerking komen om al dan niet na herstelling opnieuw gebruikt te worden.” Uitgesloten zijn onder meer nieuwe goederen, edele metalen, edelstenen en parels, gerenoveerde goederen, goederen die verbruikt worden bij een eerste gebruik, en goederen die niet opnieuw in dezelfde staat gebruikt kunnen worden.
Dat is de hele toets, en het is een toets over het góéd — niet over de branche waarin je zit. Naast gebruikte goederen noemt de FOD op dezelfde pagina uitdrukkelijk kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen, antiquiteiten en tweedehandse vervoermiddelen. De regeling staat in artikel 58, § 4 van het Btw-Wetboek en is uitgewerkt in koninklijk besluit nr. 53 van 23 december 1994.
Het voorbeeld staat op een partij sportmateriaal: gekocht voor €200,00, verkocht voor €640,00. Zet er je eigen bedragen in.
Verkocht met verlies: er is geen marge, en dus geen af te dragen btw. Een negatieve marge geeft je ook niets terug.
De btw zit ín de marge, niet erbovenop. Dat is de fout die deze rekenhulp probeert te voorkomen: 21% óp een marge van €400 is €84, terwijl je €69,42 verschuldigd bent. Hoe je dat over een heel aangiftetijdvak doet — en waarom Frankrijk wettelijk per stuk rekent — staat in Hoe bereken je margeBTW?
Materiaal dat zo versleten of beschadigd is dat het niet meer gebruikt kan worden, valt onder goederen buiten gebruik — een van de uitsluitingen die de FOD noemt. Bij beschermingsmateriaal is dat sneller het geval dan bij de rest.
Nieuw materiaal uit een restpartij is een nieuw goed en staat met naam op de uitsluitingslijst. Of je een bepaald stuk beschermingsmateriaal nog mág doorverkopen, is een productveiligheidsvraag die volledig losstaat van de btw.
De vraag of sportmateriaal onder de regeling vallen, wordt in de vier landen op dezelfde manier beantwoord: het is Europees recht. Het tarief en de rekenmethode niet.
Marge over het hele aangiftetijdvak. Artikel 58, § 4 W.btw en KB nr. 53.
Globalisatieregeling of individuele methode. Wet OB 1968, artikel 28b e.v.
Wettelijk per stuk. Globalisatie is er een optie, geen basisregel. CGI art. 297 A.
Eigen regeling van HMRC, los van de EU. Onder de registratiedrempel draag je niets af.
Twee losse verplichtingen. De ene zegt niets over de andere.
Goederen buiten gebruik staan op de uitsluitingslijst van de FOD.
Bij een partij voor één bedrag vraagt KB nr. 53 een register.
In België neem je de marge over het hele aangiftetijdvak. Bij veel kleine verkopen scheelt dat.
Geschreven op 8 september 2026. De regeling zelf, de omschrijving van een gebruikt goed en de uitsluitingen zijn nagemeten op 8 september 2026 bij de FOD Financiën, Regeling van belastingheffing over de marge, die artikel 58, § 4 van het Btw-Wetboek en KB nr. 53 van 23 december 1994 als grondslag noemt. Sinds 1 januari 2026 sluit de wet van 19 december 2025 de margeregeling uit voor goederen die je met een verlaagd tarief aangekocht hebt — toegelicht in circulaire 2026/C/14 van 13 januari 2026, nagemeten via eur-lex.europa.eu op 31 augustus 2026. De FOD heeft haar eigen pagina daar nog niet op aangepast — opnieuw nagemeten op 10 september 2026. Vindt je boekhouder er niets over terug, dan is dat de reden.
Dit is uitleg, geen belastingadvies. Of de margeregeling in jouw geval de beste keuze is, en hoe je ze in je aangifte verwerkt, leg je voor aan je boekhouder.
Ja. Gebruikt sportmateriaal is een lichamelijk roerend goed dat opnieuw gebruikt kan worden, wat de omschrijving van een gebruikt goed is bij de FOD Financiën. De regeling staat in artikel 58, § 4 van het Btw-Wetboek en in koninklijk besluit nr. 53 van 23 december 1994.
Dat is een productveiligheidsvraag, geen btw-vraag. Deze pagina gaat alleen over de btw. Wat je wel of niet in de rekken mag zetten, toets je bij de bevoegde dienst of bij je beroepsfederatie.
Dat valt buiten de regeling. De FOD sluit goederen uit die niet meer in dezelfde staat gebruikt kunnen worden, en noemt daarbij uitdrukkelijk goederen buiten gebruik.
In België €76,36. De marge is €440, en €440 × 21/121 geeft €76,36.
Dezelfde vraag, een ander soort stuk. Het antwoord verschilt vaker dan je zou denken.
Elk stuk krijgt zijn eigen aankoopprijs, verkoopprijs en regeling. Vintro Pro houdt de margestukken apart van de rest, en rekent je marge per aangiftetijdvak uit.
Gratis tot 10 stukken, zonder kaartnummer en zonder einddatum.