Een instrument dat hersteld wordt blijft een gebruikt goed. Een instrument dat opnieuw opgebouwd wordt, wordt iets anders.
Tweedehands muziekinstrumenten vallen onder de margeregeling.
Tweedehands muziekinstrumenten vallen onder de margeregeling. Een volledige restauratie kan tegen de uitsluiting van gerenoveerde goederen aanlopen.
Een bespeeld instrument is een lichamelijk roerend goed dat opnieuw gebruikt kan worden. De toets van de FOD Financiën is daarmee gehaald.
De vraag die er hier echt toe doet, komt uit het atelier. Instrumenten worden zelden ongemoeid doorverkocht: er wordt gestemd, gereviseerd, soms volledig gerestaureerd.
De omschrijving van een gebruikt goed spreekt zelf over goederen die al dan niet na herstelling opnieuw gebruikt kunnen worden. Nieuwe snaren, een nieuwe stemming of een hersteld klepmechanisme halen een instrument dus niet uit de regeling.
Oude instrumenten kunnen daarnaast als antiquiteit of als voorwerp voor verzamelingen gelden. Beide categorieën noemt de FOD apart, met dezelfde behandeling.
“Gebruikte goederen zijn lichamelijke roerende goederen die in aanmerking komen om al dan niet na herstelling opnieuw gebruikt te worden.” Uitgesloten zijn onder meer nieuwe goederen, edele metalen, edelstenen en parels, gerenoveerde goederen, goederen die verbruikt worden bij een eerste gebruik, en goederen die niet opnieuw in dezelfde staat gebruikt kunnen worden.
Dat is de hele toets, en het is een toets over het góéd — niet over de branche waarin je zit. Naast gebruikte goederen noemt de FOD op dezelfde pagina uitdrukkelijk kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen, antiquiteiten en tweedehandse vervoermiddelen. De regeling staat in artikel 58, § 4 van het Btw-Wetboek en is uitgewerkt in koninklijk besluit nr. 53 van 23 december 1994.
Het voorbeeld staat op een tweedehands gitaar: gekocht voor €180,00, verkocht voor €430,00. Zet er je eigen bedragen in.
Verkocht met verlies: op dit stuk is er geen marge en dus geen btw. In België drukt een verlies je marge over het jaar: in de tussentijdvakken trek je alle aankopen van het tijdvak af, verkocht of niet; in het laatste tijdvak reken je met de aankoopprijzen van wat je verkocht (KB nr. 53, art. 3).
De btw zit ín de marge, niet erbovenop. Dat is de fout die deze rekenhulp probeert te voorkomen: 21% óp de marge van dit voorbeeld (€250) is €52,50, terwijl je €43,39 verschuldigd bent (250 × 21/121). Hoe je dat over een heel aangiftetijdvak doet — en waarom Frankrijk wettelijk per stuk rekent — staat in Hoe bereken je margeBTW?
De FOD sluit gerenoveerde goederen uit, en goederen die zo bewerkt zijn dat bij de verkoop niet meer vast te stellen is dat het om hetzelfde stuk gaat. Een piano waarvan het mechaniek, de snaren en de kast volledig vernieuwd worden, komt dicht bij die grens.
Instrumenten die je koopt om te slopen en als onderdelen te verkopen, vallen onder goederen buiten gebruik. En nieuwe instrumenten uit een restpartij zijn nieuwe goederen.
Dat een nieuw goed uitgesloten is, is een Belgische regel van de FOD. In Frankrijk valt een nooit gebruikt stuk dat je van een particulier koopt wel onder de marge (rescrit BOI-RES-TVA-000270 van 19 augustus 2026). Koop je een restpartij van een bedrijf dat je btw aanrekent, dan valt ze in alle vier landen buiten de regeling — niet omdat ze nieuw is, maar omdat er btw op je aankoop stond.
Of muziekinstrumenten onder de regeling vallen, volgt in België, Nederland en Frankrijk uit dezelfde Europese btw-richtlijn (2006/112/EG). Het Verenigd Koninkrijk valt daarbuiten en heeft een eigen regeling (VAT Act 1994, sectie 50A). Elk land legt de regels zelf uit; waar dat voor muziekinstrumenten verschil maakt, staat het op deze pagina. Het tarief en de rekenmethode verschillen altijd.
Marge over het hele aangiftetijdvak. Artikel 58, § 4 W.btw en KB nr. 53.
Standaard per tijdvak (globalisatie, Uitvoeringsbesluit OB 1968, art. 4c lid 1). Afmelden kan schriftelijk bij de inspecteur, voor minstens vijf jaar.
Wettelijk per stuk, maar globalisatie per periode mag, zonder voorafgaande keuze. CGI art. 297 A; BOFiP § 260.
Eigen regeling van HMRC, los van de EU. Onder de registratiedrempel draag je niets af.
De marge is verkoopprijs min aankoopprijs. Bij instrumenten, waar restauratie duur is, voelt dat oneerlijk — maar het is de regel.
De uitsluiting van gerenoveerde goederen is geen formaliteit.
Goederen buiten gebruik staan op de uitsluitingslijst van de FOD.
Rekende je leverancier je btw aan, dan is het instrument geen margegoed, ook als je die btw niet aftrok.
Dit is uitleg, geen belastingadvies. Of de margeregeling in jouw geval de beste keuze is, en hoe je ze in je aangifte verwerkt, leg je voor aan je boekhouder.
Ja. Een bespeeld instrument is een lichamelijk roerend goed dat opnieuw gebruikt kan worden, wat de omschrijving van een gebruikt goed is bij de FOD Financiën. Oude instrumenten kunnen daarnaast als antiquiteit of voorwerp voor verzamelingen gelden.
Herstellen mag: dat woord staat in de omschrijving van een gebruikt goed. Renoveren niet: gerenoveerde goederen staan op de uitsluitingslijst, net als goederen die zo bewerkt zijn dat ze bij de verkoop niet meer als hetzelfde stuk te herkennen zijn.
Nee. De marge is het verschil tussen je verkoopprijs en de aankoopprijs die je aan je leverancier betaalde. Uren, onderdelen en transport staan daarbuiten.
In België €43,39. De marge is €250, en €250 × 21/121 geeft €43,39.
Dezelfde vraag, een ander soort stuk. Het antwoord verschilt vaker dan je zou denken.
Elk stuk krijgt zijn eigen aankoopprijs, verkoopprijs en regeling. Vintro Pro houdt de margestukken apart van de rest, en rekent je marge per aangiftetijdvak uit.
30 dagen gratis, zonder kaartnummer.