Vervoermiddelen worden met naam genoemd. En toch is dit de soort waar de meeste discussies over ontstaan — door één regel die van “nieuw” iets anders maakt dan je denkt.
Tweedehands auto's vallen onder de margeregeling, met één addertje in het woord “nieuw”.
Tweedehandse vervoermiddelen vallen onder de margeregeling. Let op de Europese regel voor nieuwe vervoermiddelen: die kijkt naar kilometers en maanden, niet naar wat jij tweedehands noemt.
De FOD Financiën noemt tweedehandse vervoermiddelen apart in de regeling, met auto's, moto's, caravans, boten, vliegtuigen en helikopters erbij. Voor de gewone doorverkoop is de vraag daarmee beantwoord. Het korte antwoord per land.
Wat de autohandel apart maakt, is dat “nieuw” hier een eigen btw-betekenis heeft. Een wagen kan al gereden hebben en toch als nieuw vervoermiddel behandeld worden — en dan geldt er iets anders.
Een wagen die je koopt van een particulier, van een leasemaatschappij zonder btw-aftrek of van een collega die onder de marge werkt, brengt geen aftrekbare btw mee. Precies daarvoor bestaat de margeregeling.
Koop je van een garagist met btw op de factuur, dan is het een gewone aankoop met aftrek. Dezelfde wagen, een andere route — en die route ligt vast op het moment van aankoop, niet bij de verkoop.
“Gebruikte goederen zijn lichamelijke roerende goederen die in aanmerking komen om al dan niet na herstelling opnieuw gebruikt te worden.” Uitgesloten zijn onder meer nieuwe goederen, edele metalen, edelstenen en parels, gerenoveerde goederen, goederen die verbruikt worden bij een eerste gebruik, en goederen die niet opnieuw in dezelfde staat gebruikt kunnen worden.
Dat is de hele toets, en het is een toets over het góéd — niet over de branche waarin je zit. Naast gebruikte goederen noemt de FOD op dezelfde pagina uitdrukkelijk kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen, antiquiteiten en tweedehandse vervoermiddelen. De regeling staat in artikel 58, § 4 van het Btw-Wetboek en is uitgewerkt in koninklijk besluit nr. 53 van 23 december 1994.
Het voorbeeld staat op een oldtimer: gekocht voor €6.500,00, verkocht voor €9.200,00. Zet er je eigen bedragen in.
Verkocht met verlies: op dit stuk is er geen marge en dus geen btw. In België drukt een verlies je marge over het jaar: in de tussentijdvakken trek je alle aankopen van het tijdvak af, verkocht of niet; in het laatste tijdvak reken je met de aankoopprijzen van wat je verkocht (KB nr. 53, art. 3).
De btw zit ín de marge, niet erbovenop. Dat is de fout die deze rekenhulp probeert te voorkomen: 21% óp de marge van dit voorbeeld (€2.700) is €567,00, terwijl je €468,60 verschuldigd bent (2.700 × 21/121). Hoe je dat over een heel aangiftetijdvak doet — en waarom Frankrijk wettelijk per stuk rekent — staat in Hoe bereken je margeBTW?
De belangrijkste kruising is de Europese regel voor nieuwe vervoermiddelen. Die kijkt naar de ouderdom van het voertuig en het aantal gereden kilometers, niet naar het woord op de advertentie. Valt een wagen daaronder bij een verkoop over de grens, dan loopt de btw langs een heel andere weg dan de marge.
Verder gelden de gewone uitsluitingen. Een wagen die je koopt om te slopen en in onderdelen te verkopen, is een goed buiten gebruik. En een voertuig dat je zo grondig ombouwt dat het bij de verkoop niet meer als hetzelfde goed te herkennen is, valt eveneens buiten de regeling.
Of auto's onder de regeling vallen, volgt in België, Nederland en Frankrijk uit dezelfde Europese btw-richtlijn (2006/112/EG). Het Verenigd Koninkrijk valt daarbuiten en heeft een eigen regeling (VAT Act 1994, sectie 50A). Elk land legt de regels zelf uit; waar dat voor auto's verschil maakt, staat het op deze pagina. Het tarief en de rekenmethode verschillen altijd.
Marge over het hele aangiftetijdvak. Artikel 58, § 4 W.btw en KB nr. 53.
Standaard per tijdvak (globalisatie, Uitvoeringsbesluit OB 1968, art. 4c lid 1). Afmelden kan schriftelijk bij de inspecteur, voor minstens vijf jaar.
Wettelijk per stuk, maar globalisatie per periode mag, zonder voorafgaande keuze. CGI art. 297 A; BOFiP § 260.
Eigen regeling van HMRC, los van de EU. Onder de registratiedrempel draag je niets af.
Bij een levering aan een koper in een ander EU-land beslist die regel mee. Ze staat los van de margeregeling en overrulet ze.
De marge is verkoopprijs min aankoopprijs. Een nieuwe distributieriem verlaagt je marge niet, alleen je winst.
Rekende je leverancier je btw aan, dan is de wagen geen margegoed, ook als je die btw niet aftrok. De keuze valt bij de aankoop, niet achteraf.
Een margefactuur draagt geen btw-bedrag. Bij bedragen van duizenden euro's is dat geen detail.
Dit is uitleg, geen belastingadvies. Of de margeregeling in jouw geval de beste keuze is, en hoe je ze in je aangifte verwerkt, leg je voor aan je boekhouder.
Ja. De FOD Financiën noemt tweedehandse vervoermiddelen uitdrukkelijk als goederen waarop de regeling van belastingheffing over de marge van toepassing is, met auto's, moto's, caravans, boten en vliegtuigen erbij. De grondslag is artikel 58, § 4 van het Btw-Wetboek en koninklijk besluit nr. 53 van 23 december 1994.
Nee. De margeregeling is er voor goederen die je aankocht zonder btw op de factuur — onder meer van een particulier, van een niet-belastingplichtige of van een verkoper die zelf onder de marge werkt. Rekende je verkoper je btw aan, dan verkoop je met gewone btw over de volle prijs.
Nee. De marge is het verschil tussen de verkoopprijs die je vraagt en de aankoopprijs die je aan je leverancier betaalde. Onderdelen, uren en keuring staan daarbuiten.
In België €468,60. De marge is €2.700, en €2.700 × 21/121 geeft €468,60. Reken je 21% óp die marge, dan kom je op €567 uit — bijna honderd euro te veel op één wagen.
Dezelfde vraag, een ander soort stuk. Het antwoord verschilt vaker dan je zou denken.
Elk stuk krijgt zijn eigen aankoopprijs, verkoopprijs en regeling. Vintro Pro houdt de margestukken apart van de rest, en rekent je marge per aangiftetijdvak uit.
30 dagen gratis, zonder kaartnummer.